Hoe stel ik de luchtgeveerde dempers van mijn mtb af?

Voor het maximale plezier en voor maximale prestaties tijdens het mountainbiken is het belangrijk dat je voorvork en achterdemper correct zijn afgesteld. Met een juist afgestelde voorvork en achterdemper heb je meer controle over je fiets, doordat de impact van de trails perfect geabsorbeerd wordt. Vaak wordt er gedacht dat het afstellen van je voorvork en achterdemper een lastig klusje is, maar dat is helemaal niet zo. Het enige wat je nodig hebt is een vorkpompje. Als je dat hebt kun je heel eenvoudig zelf je dempers afstellen.

In dit blog willen we duidelijk maken wat het belang is van de juiste afstelling op je dempers en daarnaast uitleggen hoe je eenvoudig zelf je luchtgeveerde voorvork en achterdemper kunt afstellen. Dit is namelijk gewoon een klusje dat iedereen thuis kan doen. Het enige wat je hierbij nodig hebt is een vorkpomp.

Het belang van goed afgestelde dempers

Het gebeurt maar al te vaak dat een demper te hard wordt opgepompt. Meer druk betekent namelijk minder energieverlies, toch? Het compleet tegenovergestelde is echter het geval. Te veel druk zorgt ervoor dat je ten eerste niet de volledige veerweg van je mountainbike gebruikt en ten tweede zal de fiets alle kanten op stuiteren omdat oneffenheden niet goed opgevangen kunnen worden. Met de juiste luchtdruk in de voorvork en achterdemper heb je meer controle over de fiets op ruige trails en ervaar je ook gelijk meer comfort. Met een juiste afstelling op pad gaan is dus een win-win.

Hoe stel ik mijn voorvork af?

Het afstellen van je voorvork is niet moeilijk. Daarom geven wij 3 stappen, waarmee je in ongeveer 10 minuten je voorvork hebt afgesteld. Zo kan je weer optimaal genieten je mountainbike en de trails. Het enige gereedschap dat je nodig hebt is een vorkpompje en je bent klaar voor de klus.

1. Breng de voorvork op druk

Om je voorvork op de juiste druk te brengen hebben we onze vorkpomp nodig. Zorg dat je er eentje hebt die goed afleesbaar is, zodat je nauwkeurig de luchtdruk kunt bepalen. Afhankelijk van het gewicht van de berijder heb je een andere druk nodig. Vaak staat er op de voorvork een tabel met advies over de druk aan de hand van het rijdersgewicht. Houd er rekening mee dat dit inclusief fietskleding en bepakking is, dus ook het gewicht van bijvoorbeeld je helm moet je meerekenen.

Als je de juiste druk hebt gevonden kun je eenvoudig je voorvork oppompen. Het ventiel zit vaak goed beschermd onder een kapje. Draai deze los en draai de vorkpomp om het ventiel vast. Nu kun je de voorvork op de juiste druk brengen.

2. Sag test

De sag, ofwel negatieve veerweg, is het belangrijkste referentiepunt waarmee je na kunt gaan of je voorvork de juiste druk heeft. De sag is de ingedrukte veerweg als je gewoon op de mountainbike zit. Met de juiste hoeveelheid sag kan de voorvork uitveren als je bijvoorbeeld door een kuiltje rijdt, waardoor de fiets contact houdt met de ondergrond. Je wilt daarom dat de sag ongeveer 20% van de totale veerweg is. Heb je een mountainbike met 100 mm veerweg, wil je dus dat de sag 20 mm is.

Op veel voorvorken zit een rubberen ringetje, waarmee je makkelijk kunt controleren hoe groot de sag is. Ga voorzichtig op de mountainbike zitten en schuif het ringetje helemaal naar beneden. Stap daarna weer voorzichtig van de fiets af en kijk hoe diep de voorvork ingedrukt was. Is het te weinig? Dan is de luchtdruk te hoog. Andersom geldt natuurlijk ook, als je voorvork te diep geveerd is dan is de druk te laag.

Zit er geen rubber ringetje (meer) om de veerbuis? Dan kun je ook een tie-wrap gebruiken. Doe hem echter niet te strak en wees voorzichtig met het verwijderen, je wilt natuurlijk niet de veerbuis beschadigen.

3. Rebound instellen

Nu je de juiste druk in je voorvork hebt is het tijd om de rebound in te stellen. De rebound wordt vaak over het hoofd gezien bij het afstellen van de voorvork. De rebound bepaalt hoe snel de voorvork terug veert naar de originele positie. Hoe stugger je de rebound instelt, hoe langzamer je voorvork terug veert. Natuurlijk geldt dan ook, hoe lichter, hoe sneller. Als de rebound te snel staat krijg je een soort pogo-stick effect, waardoor je voorwiel alle kanten op stuitert. Staat je rebound te langzaam, dan is je voorvork nog niet uitgeveerd wanneer je bij het volgende obstakel komt. Daarom is de rebound zo belangrijk voor de afstelling van je voorvork.

De rebound is in stellen aan de hand van een draaiknop. Deze is bijna altijd onderop de demper te vinden. Om de rebound in te stellen, zet je deze eerst in de snelste stand. Laat de voorvork inveren door op het stuur te handen en haal de druk er snel af door het stuur los te laten. Komt het voorwiel los van de grond? Dan is de rebound te snel. Zet hem een tandje langzamer en herhaal de stap tot je voorwiel niet meer loskomt. Je hebt nu de snelste rebound mogelijk, zonder dat je fiets verandert in een pogo-stick.

In 2 stappen je achterdemper afstellen

Het afstellen van je achterdemper is eigenlijk net zo eenvoudig, en misschien zelfs nog makkelijker, als het afstellen van je voorvork. Ook nu is het enige wat je nodig hebt een vorkpompje en je bent klaar om aan de slag te gaan.

1. Breng je demper op de juiste druk

Net als met je voorvork is het zaak dat je voldoende luchtdruk in de demper krijgt. Een vuistregel die je aan kunt houden voor de luchtdruk van je achterdemper is: Het aantal psi is het dubbele van je lichaamsgewicht. Weeg je dus 70 kilo, dan moet de luchtdruk 140 psi zijn. Dit is echter slechts een vuistregel. Voor de exacte druk is het belangrijk om stap 2 te volgen.

2. Test de sag

Net als met de voorvork is het belangrijk om op je achterdemper de sag te hebben. Dit is vaak de beste indicatie of je te veel, te weinig of precies genoeg druk op je demper hebt. Net als bij de voorvork moet de sag ongeveer 20% tot 25% van de totale veerweg zijn. Dit test je op dezelfde manier als met de voorvork. Schuif het rubber bandje helemaal tegen de onderkant van de demper. Ga op de fiets zitten en stap weer rustig af. Je kunt nu aan de hand van het bandje zien hoe ver de demper ingeveerd is.

Ben je tevreden? Dan ben je klaar om op pad te gaan! Wil je toch iets meer of minder sag? Speel dan nog even met een hogere of lagere druk tot je de gewenste sag hebt gevonden.

Finetunen

Nu je zowel je voorvork als achterdemper helemaal naar wens hebt afgesteld hoef je ze alleen nog te finetunen. Om helemaal te finetunen kun je een ritje rijden over de parkeerplaats. Rij een aantal stoprandjes op en af en test hoe de voorvork en achterdemper zich gedragen. Let hierbij op of je voorvork of achterdemper gaan deinen als je bijvoorbeeld van een stoepje af rijdt of even wat druk op de dempers geeft. Voel je de dempers deinen, moet de rebound toch een tandje sneller. Heb je geen last van deiningen? Dan ben je klaar voor het echte werk!

Op pad maar!

Om het beste te voelen hoe je voorvork nu veert moet je er gewoon mee op pad gaan. Tijdens de rit kun je eenvoudig je rebound een tandje sneller of stugger draaien, afhankelijk van de aard van de route en persoonlijke voorkeur. Neem ook de eerstvolgende rit je vorkpompje mee, zodat je ook eventueel de luchtdruk aan kunt passen als dit nodig blijkt te zijn.

Nu je de dempers helemaal naar wens hebt ingesteld kun je weer maximaal genieten van je mountainbike! Je kunt nu ook meer gaan experimenteren per route. Heb je een route die heel hobbelig is, kun je spelen met een snellere rebound, of je kunt een langzamere proberen op routes die minder oneffen zijn. Vergeet niet af en toe de luchtdruk te controleren, want je voorvork verliest net als je banden langzaam luchtdruk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *